Sponsoring

Als het Jan Arentsz gebruik maakt van sponsoring, dan zal dat altijd worden vastgelegd in een door de school met de sponsor te sluiten overeenkomst. De regels en afspraken zijn vastgelegd in het convenant ‘Scholen voor primair en voortgezet onderwijs en sponsoring’ van 19 februari 2009. De sponsoring is gebonden aan deze regels en afspraken. Als er sprake is van verplichtingen die worden aangegaan waarmee leerlingen zullen worden geconfronteerd, zal de medezeggenschapsraad worden gevraagd in te stemmen met het aanvaarden van de bijdrage.

Randvoorwaarden voor sponsoring

  • Een school mag zich laten sponsoren in geld of in natura.
  • Bij het wegvallen van de sponsormiddelen mag de voortgang van het onderwijs niet in gevaar komen. Scholen worden immers door de overheid in staat gesteld om te voldoen aan de wettelijke verplichtingen, oftewel het verzorgen van onderwijs en alles wat daarmee samenhangt. Sponsorinkomsten zijn een ‘extraatje’. Sponsoring moet passen in het schoolklimaat en moet verenigbaar zijn met de pedagogische en onderwijskundige taak en de doelstelling van de school.
  • Sponsoring moet in overeenstemming zijn met de goede smaak en fatsoen (normen en waarden) en mag niet appelleren aan gevoelens van angst of bijgelovigheid en mag dus evenmin misleidend zijn.
  • De sponsor mag geen voordeel trekken uit onkunde of goedgelovigheid van leerlingen.
  • Sponsoring mag de objectiviteit, geloofwaardigheid, betrouwbaarheid en onafhankelijkheid van de school niet in gevaar brengen en mag geen stempel op de les(inhoud) drukken.
  • Sponsoring mag niet in strijd zijn met het onderwijsaanbod en de kwalitatieve eisen die aan het onderwijs worden gesteld. Sponsoring mag dan ook niet interveniëren met het lesaanbod en de kwaliteit van het onderwijs. Het ligt dus voor de hand dat in de lesmaterialen en leermiddelen geen (impliciete) reclame mag voorkomen en bovendien is onvolledige of subjectieve informatie uit den boze.
  • Indien er in schoolverband reclame wordt gemaakt, mag dit de leerlingen niet stimuleren tot ongezonde en/of gevaarlijke activiteiten.
  • Partijen moeten rekening houden met het bevattingsvermogen en het verwachtingspatroon van leerlingen, bijvoorbeeld door bij het uitreiken van sponsorproducten in de vorm van een prijs of beloning te vermelden dat er sprake is van sponsorreclame.
  • Bij de aanschaf van bijvoorbeeld computerapparatuur mag geen sprake zijn van koppelverkoop. Verplichte afname van programmatuur bij de sponsor of een verbod op de aanschaf van materiaal bij een ander bedrijf is ontoelaatbaar.
  • Bij sponsoring van (ge)bouw, inrichting en exploitatie mag de sponsor inhoudelijk geen bemoeienis hebben met de organisatie van die zaken. Slechts een neutrale, adviserende rol is daarbij voor de sponsor weggelegd.